De belangrijkste doelstelling van kleurentherapie is harmonie en evenwicht brengen in lichaam en geest. Je voelt je lekkerder en positief en de gezondheid verbetert als het lichaam de juiste kleurstraling ontvangt. Warmte, kleuren, kruiden en licht werden in het verleden vaak gebruikt om te helen.
Het meeste licht wordt via de ogen opgenomen en uiteindelijk verwerkt in de hersenen, waaronder de hypothalamus die het het autonome zenuwstelsel en het endocriene systeem controleert.
Kleuren werden voor het eerst wetenschappelijk ontleed door Isaac Newton. Die ontwikkelde een theorie over kleuren, gebaseerd op het prisma, dat van wit licht een zichtbaar spectrum maakt.
Ook Goethe zou zich later toeleggen op kleurenleer. Maar zijn observaties weken aanmerkelijk af van die van Isaac Newton. Goethe beperkte zich tot de invloed van kleuren op het welzijn, op de helende werking en de positieve geest. Goethes vakgebied was dus een totaal andere wetenschap dan die van Newton.
Kleuren hebben een invloed op alle organen. Voor elk kwaaltje zou er een toepasbare kleur of kleurcombinatie bestaan. Kleuren beïnvloeden niet alleen lichamelijke aspecten. Ze hebben ook een psychologische invloed.
In zichtbare gekleurde lichtstralen zit energie opgesloten die door het lichaam opgenomen wordt, onder de vorm van elektromagnetische straling.